Mijn grootste favoriet allertijden is David Bowie. Sinds 1972 ben ik onder de indruk deze artiest. Door de jaren heen, van een gillende tiener tijdens de 1976 concerten in Rotterdam, ben ik gegroeid naar een waardering voor de artiest in z'n geheel. Zo maakt hij niet alleen steengoede muziek, Bowie acteert ook alleraardigst en hij maakt uiterst interessante schilderijen. Maar er zijn ook perioden geweest dat ik zijn muzikale omzwervingen wat minder kon waarderen. Zoals toen ik, na een jaar in Afrika te hebben gewoond, terug kwam en Bowie net bezig was met zijn Let's Dance tour. Dit alles werd mij veel te groots en veel te commercieel. Bovendien vond ik de muziek zo zo ... Maar als een echte fan van het eerste uur bleef ik zijn platen kopen en hij bleef voor mij 'the prettiest star'.
In 1997 is Bowie 50 geworden en zijn creativiteit werkt weer op topniveau. Zijn muziek is beter dan ooit en het is moeilijk te geloven dat iemand zo barstensvol energie zit om zo intensief met een band te toeren als Bowie doet. Voor mij is één ding zeker, als deze man eenmaal in je systeem zit... 25 jaar later en hij is voor mij nog steeds de grootste artiest.
Woensdag 11 juni 1997 was een avond die nog lang in mijn geheugen zal blijven. Ik ging voor de derde keer dat jaar naar een Bowie concert. Het concert duurde maar liefst 2 uur en 40 minuten en was in twee delen opgesplitst. De eerste helft van het concert was helemaal drum'n'base, een experimenteel stadium waar Bowie zich in bevind. Heel bijzonder was de jungle versie van Pallas Athena en V2 Schneider. Na een pauze van ongeveer 20 minuten kwam Bowie in Jodphurs op en stortte samen met de band een flinke rock set uit over het publiek. Het begon met Quicksand en verder rolden er nog bekende nummers als Jean Genie, Queen Bitch, White Light / White Heat, All The Young Dudes langs.
|
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
Je bent de
bezoeker sinds 6 Oktober 1997
Laatst bijgewerkt op 11 mei 2004